ARVINDUS

Dagboek van de Eeuwigheid

30 November 2005, Amritapuri

30 NOVEMBER 2005, AMRITAPURI

Van de late ochtend tot in de late middag werd de tijd ingevuld met semigeconcentreerde arbeid in de recycleplaats, de werkplaats, en bij het wassen van de vloer in het internationale eetgedeelte van de grote hal. Na de verfrissende douche was er ontspanning op het kleine vierkante balkonhoekje tussen de twee trappen die vloer twaalf met vloer dertien verbinden. Er was ontspanning van lichaam en geest, en gewaarzijn trad binnen.

Het zicht over de achterwateren was overweldigend in schoonheid. De zon kleurde de kokospalmen met een glanzende laag goud over het groene bladerdek. In de lichtblauwe lucht dreven bijna dreigend aandoende stapelwolken. Volle wolken. Niet vervagend, maar met scherpe contouren en vormen, welke hier en daar het groene bladerdek een gulden glans weerhielden door een donkere schaduw te werpen.

Hoewel gezeten in de schaduw was de betonnen vloer van de hele dag zon nog heerlijk warm en behaaglijk. Er waren hele kleine zwarte miertjes, en de okergele weefmieren hadden een pad op de hoek van de muur naar boven. Sommige verlieten het pad even om enkele centimeters van het kleine balkonnetje te verkennen. Alert als altijd reageerden ze op iedere waargenomen beweging door zich onmiddellijk met open gespreide kaken naar de beweging te richten. Met naar voor gerichte voelsprieten leken ze de aard van de beweging te willen proeven.

Er was eindeloosheid op twee vierkante meter. Hoewel de zon spoedig zou ondergaan was er geen tijd. Tijdloosheid en eindeloosheid traden binnen in de openheid van diepe ontspanning.