ARVINDUS

Dagboek van de Eeuwigheid

01 December 2005, Amritapuri

01 DECEMBER 2005, AMRITAPURI

Deze ochtend was het er. In de vroege uren op de drempel van de dageraad. Ongekozen, niet tot stand gebracht. Het was er. Diep. Intens. Het denken overrompelend. Een vurige vlam in het hart laaide op. Een magneet van heerlijkheid die aan het bewustzijn trok.

Het was de tijd waarop de dagelijkse IAM meditatie routinematig voltooid werd. Een opeenvolging van vooraf geplande denkbeelden trachtte het hartenvuur te blussen. De magneet in het hart trok, en persoonlijke wilskracht werd aangesproken om het setje denkbeelden en visualisaties niet verloren te laten gaan in gedachteloze heerlijkheid. De vibratie die de IAM meditatie meestal met zich mee brengt was er, maar het was hooguit voorwaardenscheppend, en het was niet het hartenvuur zelf. Deze leek voor het moment gesmoord door de natte vodden van planmatige visualisaties.

Concentratie is geslotenheid. Het is als een tirannieke beweging die in de idealisatie van dat ene idee, die ene gedachte, al het andere tracht te ontkennen, tracht buiten te sluiten of tracht te onderdrukken. Aandacht is geen concentratie. Aandacht is een open ontvankelijkheid die niets buiten sluit. Slechts in open ontvankelijkheid is het dat het gewaarzijn van voorbij het denken haar intrede kan maken. Wilskrachtige concentratie sluit haar buiten.

Na de meditatie waren de eerste kleuren van de zonsopkomst grandioos. Een licht besterde kobaltblauwe lucht verdreef het duister van de nacht, om naar de Oostelijke horizon toe te verhelderen tot een lichtblauwe kleur. De horizon zelf stond in vuur en vlam met dieprode kleuren die verfelden in oranje en goudgeel. De wollige doch betrekkelijk compacte plukken van de donkergrijze stapelwolken werden aan de Oostzijde verlicht met een prachtig karmozijnrode kleur.

De vurige kleuren die hun intrede deden in het serene blauw leken ook het hartenvuur weer te ontvlammen. Er was een diepe heerlijkheid en bijna een versmelten met het wonderlijke kleurenspel.

Een gedachte kende haar plaats niet en drong zich op in het bewustzijn. Er was een idee om de pracht van de zonsopkomst te delen met anderen door deze op foto vast te leggen. Niet voldoende doorzien leidde het idee tot actie en drie foto’s werden genomen omdat het denken nu eenmaal altijd meer en beter wil. Vurige vreugde echter laat zich niet fotograferen, en de camera schuwend verdween het om tijdens deze zonsopkomst niet meer in die intensiteit terug te keren.

Ieder moment is vreugde, schoonheid, doch altijd nieuw en nooit hetzelfde. Het moment is eeuwigheid, want er is niets dan dat. Door het actuele moment te verzaken in het willen vereeuwigen van een gepasseerd moment, verzaken we de schoonheid en de vreugde van het leven. Herinnering op dit niveau is lijden. Vreugde is de eeuwige actualiteit in het bestaan.