ARVINDUS

Dagboek van de Eeuwigheid

10 December 2005, Amritapuri

10 DECEMBER 2005, AMRITAPURI

Gisteren rond het middaguur werd er gezeten in de tempel. Amma gaf satsang, gaf haar antwoorden op de vragen van mensen, en de tempel was helemaal vol gestroomd. Mensen zaten dicht bij elkaar op de grond, vrouwen rechts en mannen links. Men leek op het eerste gezicht vol aandacht voor Amma’s woorden. De lerares sprak en de leerlingen luisterden.

Toch is er niet werkelijk zoiets als een leraar en een leerling. Leraar- en leerlingschap zijn vormen van identificatie. Er kan slechts open uitwisseling zijn van woorden. Het is enkel in aandacht in het luisteren en in aandacht in het spreken dat we onszelf leren kennen.

Innerlijk vond er een eigen satsang plaats. Vraag en antwoord vonden ergens een sterke stimulans om met elkaar hun spel te spelen. De vragen waren diep en de antwoorden waren diep. Het lichtende gewaarzijn van het moment scherpte hen, en ze doorsneden de dogma’s van de uiterlijke satsang die hun eigen stroom aan het oppervlak hadden. Er was gevoeligheid en alertheid. Hersencellen vibreerden in vreugde wanneer oppervlakkigheden scherp doorzien en daarmee uitgeworpen werden.

Eergisteren was er een email. De reparateur van de laptop had ontdekt dat behalve de tien gigabyte harde schijf de laptop ook een twintig gigabyte harde schijf bevatte. Deze was echter nooit herkend omdat deze niet geformatteerd was.

Ook schijnt het volgens wetenschappelijk onderzoek zo te zijn dat een groot deel van het menselijk brein latent is, niet gebruikt wordt. Wat zijn de latente, niet herkende capaciteiten in het mens zijn?

Enkel een diepe zelfbeschouwing leidend tot een diep zelfgewaarzijn kan een herkenning van en een aanspraak op deze latente mogelijkheden tot stand brengen. Dogma’s en concepten doen ons slechts rondcirkelen aan het oppervlak van de menselijke capaciteiten.