ARVINDUS

Contemplationam

Een Fabel over Kapitalisme: De Muis en de Rat

EEN FABEL OVER KAPITALISME: DE MUIS EN DE RAT

De Fabel

Voedsel in het woud verzamelend hoorde een jonge muis een roep om hulp. De roep volgend arriveerde hij bij een kreek waarin een dikke oude rat was gevallen. De kreek was ondiep maar omdat de rat zo zwaar was kon hij zelf niet overeind komen. De muis voelde compassie en redde de rat. De rat had een pakhuis vol wortels en was bang dat er roddels over de rat zouden komen wanneer hij de muis niets terug zou geven. Dus beloofde hij de muis dat deze de rat om één gunst mocht vragen. Echter in plaats van om wortels te vragen vroeg de muis aan de rat om hem te tonen hoe hij al die wortels had vergaard. De rat was onaangenaam verrast maar uit zijn angst voor roddels zegde hij toe.

De dikke oude rat nam de muis naar een enorm veld waar slechts één bijzonder soort kleine plant groeide. Een handvol konijnen werkten op het veld. Ze droegen zware emmers met water waarmee ze de planten aan het wateren waren. “Waarom breng je me naar dit enorme veld van groene planten?”, vroeg de muis. “Wat heeft dit van doen met jouw wortels?” “Wel”, antwoordde de dikke oude rat, “deze groene planten zijn mijn wortels. Ze lijken slechts groene planten te zijn wanneer je oppervlakkig naar ze kijkt, maar onder het oppervlak van de aarde groeien de wortels als wortels van deze planten. De konijnen hier realiseren zich dat niet. Ze denken dat ze slechts groene planten verzorgen.” “Maar waarom is het dat ze niet tot die realisatie komen als ze elke dag met de planten werken?”, vroeg de muis. “Ah”, zei de rat, “ik verdeel eenvoudigweg hun arbeid. De huidige shift watert alleen de planten. Deze konijnen kennen niets dan wateren. De volgende shift zal het onkruid verwijderen van het veld, zij kennen niets dan onkruid verwijderen. De shift daarna zal het veld bemesten. Op deze manier zal geen van de konijnen in staat zijn een compleet beeld te vormen van wat hier gaande is.” “Maar waarom zouden ze überhaupt op dit veld werken?”, vroeg de muis. “Het is niet hun veld, het is het jouwe.” “Wel”, antwoordde de rat, “ze hebben grote families die moeten eten en voor de arbeid die ze verrichten geef ik ze een paar wortels. Niet veel, maar precies genoeg om hen van verhongeren te weerhouden. Als ik ze teveel wortels zou geven dan zouden ze zich wat vrije tijd veroorloven. Dan zouden ze misschien tijd besteden om te bedenken wat hier gaande is. Dus ik vind het belangrijk om ze zoveel als mogelijk werkende te houden voor de minimum hoeveelheid aan wortels.”

“En wanneer de wortels geoogst zijn”, vroeg de muis, “hoe arriveren ze dan bij je pakhuis?” “Dat zal ik je tonen” zei de rat. Hij toonde de muis een grote kar volgeladen met wortels. De kar was ingespannen met een ezel. “Deze stomme ezel zal de wortels naar mijn pakhuis brengen” gniffelde de dikke oude rat. “Waarom zou hij zulk een zware kar trekken?” vroeg de muis. “Geef je hem ook een paar wortels?” De dikke oude rat gniffelde opnieuw en zei; “nee, dit is zelfs beter. Moet je zien!” De rat nam een lange stok en bond een dun touw aan het eind ervan. Aan het andere eind van het touw knoopte hij een enkele wortel. De rat nam plaats op de kar en toen hij de wortel voor de neus van de ezel hing kwam deze onmiddellijk in beweging, de kar trekkend waarvoor hij gespannen was. De dikke oude rat lachte. “Deze stomme ezel denkt dat hij een wortel kan krijgen en dit denkende trekt hij deze hele lading wortels naar mijn pakhuis.”

Na gearriveerd te zijn bij het pakhuis gingen de rat en de muis terug naar de plek en de kreek waar de muis de rat had gered. “Wel”, zei de rat, “dit is de plek waar je me redde. Het was gepast om je iets terug te geven en ik beloofde je dat je me om één gunst kon vragen. Je vroeg me je te te tonen hoe ik een pakhuis vol wortels verzamelde. Dit deed ik. Dus weet je nu wat je moet doen?” “Dat weet ik zeker”, antwoordde de muis, en de dikke oude rat een ferme duw gevend viel deze terug in de kreek.

Een Interpretatie

De fabel is geconstrueerd met een begin, twee belangrijke gebeurtenissen en een slot. Laten we deze chronologisch volgen in deze interpretatie.

Opening
De opening start met de introductie van een jonge muis. De muis is eigenlijk een persoon. Dat de muis jong is betekent dat de persoon jong is. Maar de persoon is niet noodzakelijk jong in leeftijd. Hij is jong van geest. Jong van geest betekent dat de geest nog niet gekristalliseerd is in starre concepten. Een jonge geest is plooibaar en flexibel genoeg om hervormd te worden wanneer noodzakelijk. Een jonge geest is een gezonde geest. Dus de jonge muis is eigenlijk een persoon die jong van geest is.

Nu is de muis gesitueerd in het woud. Het woud is zijn omgeving. Wouden zijn vol elementen. Er zijn bomen en struiken met hun bloesems en hun vruchten, waarvan sommige eetbaar zijn maar andere giftig. Er zijn dieren, waarvan sommige vriendelijk en knuffelbaar zijn maar andere gevaarlijk en agressief. Al bij al is het woud een plek welke elementen herbergt die het je mogelijk maken erin te leven en wonen, maar het is ook een plek welke elementen herbergt die vol gevaar zijn. In die betekenis is het woud ook een jungle. Een andere plek nu welke een jungle genoemd mag worden betreft onze hedendaagse kapitalistische maatschappij. Net als het woud biedt de hedendaagse maatschappij elementen die het ons mogelijk maken erin te leven. Echter net als het woud is deze ook vol van gevaren. Dus de jonge muis in het woud is een persoon, jong van geest, die geplaatst is in de hedendaagse kapitalistische maatschappij.

In dit woud verzamelt de muis voedsel. En met het verzamelen van het voedsel probeert de muis natuurlijk de gevaren te ontwijken. Echter wanneer hij een roep om hulp hoort laat hij zijn activiteiten van voedsel verzamelen vallen en richt en beweegt hij zich opzettelijk richting het gevaar, de roep om hulp volgend. Dit is ook het geval bij een persoon met een gezonde geest. In de maatschappij zoekt hij natuurlijk naar de elementen die hem helpen overleven, de gevaren proberend te vermijden. Echter wanneer een roep om hulp wordt gehoord laat de persoon gezond van geest zijn focus van zelfbelang vallen en volgt de roep om hulp naar het gevaar van de maatschappij. En wanneer direct geconfronteerd met het lijden van de medemens in gevaar rijst een compassie op. Die compassie motiveert hem om zelfs zelf in het gevaar te stappen welk zijn medemens terroriseert en de hulp te geven die hem mogelijk is. Dit is wat de muis doet. Hij stapt in de wilde kreek waarin zijn mede-wezen is gevallen en helpt het rechtop.

Het betreffende mede-wezen van de muis is een rat. ‘Rat’ nu is ook een benaming die wordt gebruikt voor een zeer immoreel persoon. Een buitensporig leugenaar en oplichter bijvoorbeeld wordt niet zelden ‘vuile rat’ genoemd. Echter de rat van deze fabel is niet zomaar een rat. Het is een dikke oude rat. Dat de rat oud is duidt aan dat de liegende en oplichtende persoon die de rat eigenlijk is een persoon betreft die niet jong van geest is. Zijn geest is alreeds gekristalliseerd in starre en onplooibare concepten. De rat is ook dik. Dit betekent dat de betreffende persoon zeer rijk is. Zijn portemonnee is zo dik als de buik van de rat. Deze dikheid van de buik van de rat is natuurlijk geworteld in zijn pakhuis vol wortels. De dikheid van de portemonnee is evenzo geworteld in een dikke bankrekening. Het pakhuis vol wortels is een goed gecijferde bankrekening.

Nu is de rat gevallen in een ondiepe kreek en zijn dikheid weerhoudt hem ervan zelf op te staan. Stromend water verschoont en zuivert al wat er dan ook in zijn stroom geplaatst wordt. In de maatschappij is het de ethische stroom die verschoont en zuivert al wat er dan ook in zijn stroom geplaatst wordt. Zoals de kreek door het woud stroomt zonder werkelijk tot het woud te behoren, zo stroomt de ethische stroom door de maatschappij zonder werkelijk tot de maatschappij te behoren. Het spoelt het vuil af dat aan hen kleeft die zich door de jungle van de maatschappij moeten bewegen en het verfrist hen wanneer ze dorstig zijn naar een ware dorstlessing. En in deze stroom is de rat gevallen. Hij is geplaatst in de stroom van ethiek. Zijn dikheid echter weerhoudt hem ervan zelf rechtop te komen en hij is gedoemd te verdrinken in de stroom. Evenzo weerhoudt een te dikke portemonnee je ervan je staande te houden in een ethische stroom. Een te dikke portemonnee kan ethisch niet gerechtvaardigd worden.

Dat de muis de rat redt is vol van betekenis. De muis kijkt niet naar de dikheid van de rat. Hij denkt niet: “de rat is dik, laat hem verdrinken.” Het enige wat de muis voor ogen heeft is het lijden van een mede-wezen. Het is compassie wat hem motiveert om in actie te komen. Evenzo zal een persoon gezond van geest enkel geleid worden door compassie voor het mede-wezen in lijden. Een dergelijk persoon zal geen onderscheid maken tussen de bijzonderheden van de desbetreffende mede-wezens. Het mede-wezen kan rijk zijn, arm, dik, dun, of van welk soort dan ook. Maar wanneer lijden wordt gezien zal een persoon gezond van geest in actie komen. En aldus doet ook de muis dit. Hij stapt in de kreek om de rat te helpen. In tegenstelling tot de dikke rat heeft de muis echter geen problemen om de stroom in te gaan. Dit geldt ook voor een persoon gezond van geest die een ethische stroom ingaat. Personen ongezond van geest komen in problemen wanneer een ethische stroom hen grijpt. Want personen ongezond van geest zijn onethische personen. Een persoon gezond van geest, zijnde een ethisch persoon, heeft zulke problemen niet natuurlijk.

Na gered te zijn door de muis beloofde de rat dat hij voor één gunst kon vragen. Dit deed hij niet uit dankbaarheid maar omdat hij bang was dat er roddels zouden komen. Hij had geen spontane inclinatie om enkele van zijn wortels te delen, zelfs al had hij er een pakhuis vol van. Dankbaarheid zal ook niet gevonden worden bij onethische personen. Hun bezittingen kunnen voorbij iedere verbeelding zijn maar niets zal een spontaan delen van hun rijkdom op doen komen. Het enige waar ze om geven is hun eigen welzijn. Rijkdom, status en macht is hun belangrijkste zorg. Alleen dit kan hen in beweging krijgen. Dit is ook het geval met de dikke oude rat. Hij vreest verlies van status wanneer er roddel zou zijn indien hij niets terug zou geven na gered te zijn. Aldus kent hij toe de muis één gunst te verlenen. Hij berekende in zijn denken dat het verlies van een paar wortels minder verlies van macht zou zijn dan het verlies van macht wat plaats zou vinden wanneer hij zijn status zou verliezen in slechte roddels. De toekenning van de rat was een afgemeten toekenning gericht op zichzelf en niet een spontane toekenning gericht op de muis.

De muis echter vraagt niet om wortels. Hij vraagt de rat om te tonen hoe hij al die wortels had verzameld. Dit maakt duidelijk dat een persoon gezond van geest niet primair geïnteresseerd is in het verkrijgen van enkel bezittingen. Een gezonde geest volgt niet de stimuli voor onmiddellijk plezier. Hij bevredigt zichzelf niet met de oppervlakkigheid van verschijnselen maar hij wordt aangetrokken om de realiteiten te ontdekken die achter de verschijnselen kunnen liggen. Dit is de primaire interesse van de muis. Hij wordt aangetrokken om te ontdekken wat er achter het verschijnsel van het pakhuis vol wortels ligt.

De rat is onaangenaam verrast door deze vraag. Als de muis uit zou vinden hoe de rat zoveel wortels heeft verkregen zou hij even succesvol kunnen worden. De rat wil dit eigenlijk niet want hij zou zijn monopolie kunnen verliezen. Hij wil zichzelf groot houden en kan hierin alleen slagen door alle anderen klein te houden in vergelijking. Dit is ook zo in de geest van een onethisch persoon. Ook hij zal zichzelf groot willen houden door alle anderen rondom hem klein te houden. Het is alleen uit vrees voor roddels dat de rat toekent. Roddel kan de stille status quo verbreken waarin de rat een machtige positie heeft. Roddel kan oprakelen wat de rat onder het oppervlak van schijn verborgen houdt. Aldus vindt de rat het minder risicovol om het verzoek van de muis toe te kennen dan een opwelling van roddels te riskeren. Evenzo zal een onethisch persoon die gepositioneerd is in een machtige status quo er alles aan doen om de uiterlijke schijn op te houden door risico’s te vermijden die kunnen leiden tot het oprakelen van wat er beneden de verschijnselen verborgen ligt.

Eerste Belangrijke Gebeurtenis
In deze eerste belangrijke gebeurtenis neemt de dikke oude rat de jonge muis naar een gigantisch veld. Op dit veld groeien groene planten. Konijnen verzorgen deze planten. In dit verzorgen hebben de konijnen verschillende taken en verschillende shiften. De ene shift watert de planten, een andere shift plukt het onkruid en weer een andere shift bemest het veld. Het veld is in werkelijkheid het veld van fabrieken in de hedendaagse kapitalistische maatschappij, en de groene planten die op het veld groeien zijn de producten die worden gemaakt in de fabrieken. De konijnen zijn de werkers die de producten produceren. Deze producten worden geproduceerd door arbeidsdeling. Fabriekswerkers maken niet individueel volledige producten van niets tot gereedheid. Ze werken allemaal enkel aan één specifiek detail van het volledige product. Op deze manier worden de fabriekswerkers ervan weerhouden aan het product als geheel te relateren. Ze kennen enkel hun specifieke handeling.

Deze groene planten nu lijken niets meer te zijn dan groene planten wanneer er enkel oppervlakkig naar wordt gekeken. Echter wanneer een konijn onder het oppervlak van de aarde zou graven dan zou het ontdekken dat de groene planten eigenlijk enkel de zichtbare scheuten zijn van de veel waardevollere wortels die eronder groeien. Evenzo lijken producten slechts producten wanneer oppervlakkig bezien. In werkelijkheid echter, onder het oppervlak van verschijnselen, zijn producten waarde en macht. Producten zijn enkel de zichtbare scheuten van de onzichtbare waarde en macht waaruit ze eigenlijk spruiten. Werkers in de fabriek kunnen denken dat ze producten produceren (waaraan ze niet eens relateren als geheel), maar in werkelijkheid produceren ze pakketjes van waarde en macht. De werkers echter tappen geen waarde en macht af onder het oppervlak van de geproduceerde producten. Vanwege hun verdeelde arbeid en hun onvermogen om aan de producten te relateren kunnen ze geen glimp opvangen van wat producten zijn onder het oppervlak van hun verschijning.

Waar dan vindt enig werker de motivatie om slechts verschijnselen te produceren? De dikke oude rat antwoordt in de fabel. De konijnen, die in werkelijkheid fabriekswerkers zijn, hebben grote families die ze moeten voeden. Als beloning voor hun arbeid op het veld geeft de rat hen een paar wortels. Evenzo geeft de rijke kapitalist de werkers enkele pakketjes van waarde en macht, dit ‘loon’ noemend. Het loon is voor een werker net genoeg om zijn familie en hemzelf van verhongering te weerhouden. Dus als de werker zijn familie en hemzelf in leven wil houden dan kan hij niet minder werken. En precies zoals de continu arbeid van de konijnen hen weerhoudt van overdenking van hun situatie, zo weerhoudt de continu arbeid van de werker hem van het overdenken van zijn situatie. Werkers produceren producten voor een klein loon zonder te realiseren dat het loon dat ze ontvangen eigenlijk een klein deel is van wat geproduceerd wordt onder het oppervlak van het product. De dikke oude rat in de fabel en de rijke kapitalist in onze hedendaagse maatschappij worden beiden bevoordeeld bij een werker die geen tijd heeft om zijn situatie te overdenken en die aldus geen tijd heeft om te ontdekken wat er onder de schijnbare producten van zijn arbeid ligt.

Tweede Belangrijke Gebeurtenis
Bij de introductie van de tweede belangrijke gebeurtenis vraagt de muis de rat hoe de geoogste wortels arriveren bij het pakhuis van de rat. Als antwoord toonde de rat de muis een grote kar volgeladen met wortels, ingespannen met een ezel. Dat de dikke oude rat de ezel ‘stom’ noemt toont hoe onethisch rijke personen vaak met minachting neerkijken op anderen. Deze tweede belangrijke gebeurtenis nu vertelt een verhaal op zichzelf. De wortels op de kar worden gebracht naar het pakhuis van de rat. Dit nadat enkele van de wortels zijn gegeven aan de konijnen als beloning voor hun arbeid. Evenzo worden de waarde en macht die achter producten ligt overgedragen naar de bankrekening van de rijke kapitalist nadat een klein loon voor de arbeiders is afgetrokken.

Wat is dan de rol van de ezel in deze fabel? De ezel is gespannen voor de kar vol wortels en brengt de wortels naar het pakhuis van de rat zonder enige wortel hiervoor te ontvangen. Hij wordt enkel gemotiveerd omdat de rat een wortel aan een draad voor de neus van de ezel houdt. De ezel wil de wortel pakken en zonder het te beseffen brengt hij de kar vol wortels naar het pakhuis van de rat. De ezel in deze fabel nu is de kapitalist die de top nog niet heeft bereikt. De wortel is het geld waardoor hij wordt verleid. De ezel gelooft dat ook hij wortels kan krijgen en de arme kapitalist denkt dat ook hij rijk kan worden. Aldus volgt de arme kapitalist hetzelfde ideaal als de rijke kapitalist. Maar in het volgen van dit ideaal wordt hij niet zelf rijk. Eigenlijk houdt hij alleen maar het systeem in stand dat zijn idool rijk houdt. De hebzucht van veel mensen naar de rijkdom die bereikbaar is voor enkelen in het kapitalistische systeem houdt dit systeem in stand. Zij die kapitalisme voorstaan zonder zelf aan de top te staan zijn als ezels die door hun hebzucht te volgen de rijkdom van een paar rijke personen in stand houden.

Slot
In het slot keren de rat en de muis terug naar de plek bij de kreek waar de muis de rat redde. De rat vertelt de muis dat hij zijn belofte heeft vervuld door de muis te tonen hoe hij een pakhuis vol wortels verkreeg en hij vraagt de muis of hij nu weet wat hij moet doen. De muis bevestigt. Hij keek en luisterde aandachtig en heeft geleerd over de werkelijkheid achter verschijnselen. Hij weet nu hoe de rat een pakhuis vol wortels kon vergaren. Evenzo zullen zij die aandachtig kijken en luisteren voorzeker ontdekken hoe de rijken rijk konden worden. Alleen omdat velen werken voor enkelen kan waarde en macht opgepropt worden op de bankrekening van een rijke. En dit systeem wordt in stand gehouden door hen die tevergeefs reiken naar zelf rijk te worden door kapitalisme voor te staan.

De muis heeft het allemaal gezien en gehoord en hij weet met zekerheid wat te doen. Hij volgt niet de wegen van de dikke oude rat maar geeft de rat een ferme duw waardoor die terug in de kreek valt. Dat de muis de rat in de kreek duwt toont dat een ethisch persoon die de wegen van de kapitalist heeft gezien niet dezelfde wegen zal volgen. Wanneer mogelijk zal hij in plaats daarvan de rijke kapitalist in een ethische stroom brengen. Het is daar dat de kapitalist zich niet kan oprichten en zichzelf in stand kan houden. In een ethische stroom moet zuiver kapitalisme sterven, zoals het hoort.