ARVINDUS

Geheime Wijsheid Leer

De Constitutie van de Hiërarchie

DE CONSTITUTIE VAN DE HIËRARCHIE

Introductie

De geheime wijsheid leer zoals gegeven door Helena Petrovna Blavatsky (1831-1891), Alice Ann Bailey (1880-1949), Helena Ivanovna Roerich (1879-1955) en Benjamin Creme (1922) heeft zelf de hiërarchie als zijn innerlijke bron.1, 2 Deze hiërarchie betreft een “groep van spirituele wezens op de innerlijke gebieden van het zonnestelsel die de intelligente krachten van de natuur zijn, en die de evolutionaire processen controleren.”3 Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen de solaire hiërarchie en de planetaire hierarchie.4 In deze contemplatie zullen de constituties van beide in beschouwing genomen worden. Dit zal beknopt en niet uitgebreid gedaan worden. Het doel is om een algemeen overzicht te geven. Het moet ook in ogenschouw genomen worden dat de te schetsen posities continu veranderen (hoe lager op de hiërarchische ladder hoe sneller de veranderingen plaatsvinden). Aldus moet deze schets van de hiërarchie genomen worden als een momentaan overzicht.

De Solaire Hiërarchie

De solaire hierarchie kan beschouwd worden als die groep van wezens die werken binnen de grenzen van het zonnestelsel maar voorbij de grenzen van een bijzonder planeetstelsel. Via de Wet van Analogie en via het noemen in de geheime wijsheid leer van extrasolaire wezens kan ook een kosmische hiërarchie geïnduceerd worden, echter vanwege gebrek aan informatie zal deze niet in beschouwing genomen worden in deze contemplatie. Dus onder deze paragraaf beschouwen we de solaire hiërarchie.

Aan het hoofd van deze solaire hierarchie kan de solaire Logos geschetst worden.5, 6 Aan deze solaire Logos wordt ook gerefereerd met termen zoals ‘Grootse Hemelse Mens’,7 ‘(solaire) godheid’8 of gewoon ‘God’.9 Dit Wezen is de inwoner van het zonnestelsel zoals de mens de inwoner is van zijn lichaam.10 Het is het plan van de solaire Logos dat opgelegd wordt aan allen die binnen Zijn sfeer werken (zoals Zijn plan zelf deel is van nog een groter kosmisch plan).11

Deze solaire Logos werkt door drie grote wezens die gekend worden als ‘God de Vader’, ‘God de Zoon’ en ‘God de Heilige Geest’.12 Hoewel drie in getal werken Zij samen als één Identiteit als de solaire Drie-eenheid.13 Deze drie, de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, zijn in deze volgorde (in het echt of als symbool) ook bekend als de eerste Logos, tweede Logos en derde Logos, als ‘Mahadeva’, ‘Vishnu’ en ‘Brahma’, als wil, liefde-wijsheid en actieve intelligentie, als geest, bewustzijn en materie, als elektrisch vuur, solair vuur en vuur door wrijving en als de centrale spirituele zon, het hart van de zon en de fysieke zon.14, 15, 16 Ze relateren in de gegeven volgorde de energieën van de Grote Beer, Sirius en de Pleiaden aan de Zon, Venus en Mercurius, en Saturnus.

Boven werden zekere planeten genoemd als ontvangers van energieën van de solaire Drie-eenheid. Zoals het zonnestelsel nu het lichaam van expressie is voor de solaire Logos zo zijn de planeten in ons zonnestelsel lichamen van expressie voor planetaire Logoi.17 Nu hoewel er tien of twaalf van deze Logoi in manifestatie zijn in ons zonnestelsel zijn er zeven van deze van bijzonder belang omdat zij beschouwd worden als de bouwers van het zonnestelsel.18, 19 Aldus worden Zij ‘heilig’ genoemd in contrast met de Anderen Welke beschouwd worden als niet-heilig. Deze zeven zijn in de geheime wijsheid leer ook bekend als ‘de zeven Geesten voor de troon’, ‘de zeven Kumara’s’, ‘de zeven solaire Godheden’, ‘de oorspronkelijke Zeven’, ‘de zeven Bouwers’, ‘de zeven intellectuele Adems’, ‘de zeven Manu’s’, ‘de Vlammen’, ‘Heren van Liefde’, Kennis en Opoffering’,20 of gewoon als ‘de zeven stralen’.21 Drie van deze zeven werken direct onder de solaire Drie-eenheid. Deze drie zijn bekend als ‘de aspectstralen’ terwijl de andere vier gekend worden als ‘de attribuutstralen’.22 De aspectstralen betreffen de eerste straal, de tweede straal en de derde straal, of in deze volgorde als de straal van will of macht, de straal van liefde-wijsheid en de straal van actieve intelligentie of aanpassingsvermogen.23 Deze werken in die volgorde via Vulcan, Jupiter en Saturnus.24 De stralen van attributie werken onder de derde straal25 en zijn bekend als de vierde, de vijfde, de zesde en de zevende straal, of in die volgorde als de straal van harmonie, schoonheid, kunst of eenheid, de straal van concrete kennis of wetenschap, de straal van abstract idealisme of devotie en de straal van ceremoniële magie of wet.26 Hun planeten betreffen in die volgorde Mercurius, Venus, Neptunis en Uranus.27 Al deze stralen of straal-Heren zijn ook direct in contact met de solaire Drie-eenheid.28

De Planetaire Hiërarchie

De solaire hiërarchie werd in de vorige paragraaf verlaten met het noemen van de zeven straal-Heren als inwoners van de zeven heilige planeten van ons zonnestelsel. Het zijn echter niet alleen de heilige planeten die de lichamen van expressie voor Logoi zijn; de niet-heilige planeten hebben ook Logoi als inwoners. Echter waar de planetaire Logoi van heilige planeten vijf kosmische inwijdingen hebben genomen daar hebben de planetaire Logoi van niet-heilige planeten er slechts drie genomen.29 En dit laatste is toepasbaar op de Aarde, zijnde één van de niet-heilige planeten van ons zonnestelsel. De Aarde is het lichaam van expressie van de planetaire Logos Die aan het hoofd staat van onze planetaire hierarchie.30 Namen die in de geheime wijsheid leer gegeven worden aan deze planetaire Logos zijn ‘Heer van de Wereld’, ‘de Oude van Dagen’, ‘Sanat Kumara’, Melchizedek’, ‘de Ene Inwijder’, ‘de Jongeling van Eindeloze Zomers’, ‘de Oorsprong van de Wil’, ‘Degene in Wie we bewegen en leven en ons zijn hebben’, ‘het Licht van de Wereld’, ‘de Eeuwige Jongeling’ en ‘de God van Liefde’.31, 32, 33, 34

Werkend aan de ene kant onder de drie aspectstralen van de solaire hiërarchie werkt Sanat Kumara aan de andere kant zeer nauw samen met de drie direct onder Hem geplaatste Buddha’s van activiteit35 of Pratyeka Buddha’s.36 Deze Buddha’s corresponderen op Aarde met de drie wezens van de solaire Drie-eenheid.37 Zij Zelf waren planetaire Logoi in het vorige zonnestelsel, echter met deze Buddha’s geconditioneerd zijnde door de Wet van Opoffering heeft Sanat Kumara een stap voor Hen uit genomen.38 Zij zijn alle drie ontvankelijk voor de energie van het tweede aspect van de solaire Drie-eenheid (zijnde de Zoon) en van de energieën van de Heer van de vijfde straal en Heer van de zevende straal (plus natuurlijk van die van Sanat Kumara met Wie Zij nauw samenwerken).39 Samen met Sanat Kumara vormen de Buddha’s van activiteit de raad in Shamballa,40 welk een centrum betreft in etherische materie in de Gobi-woestijn waar de planetaire hiërarchie in principe verblijft.41

Onder deze raad van Shamballa en deze Buddha’s van activiteit werken de Nirmanakaya’s of heilige Contemplatieven.42 Onder Hen zijn zekere Leden Die geïdentificeerd zijn met de zeven straal-Heren, en daarom wordt het (wat verwarrend) ook gezegd dat de Buddha’s van activiteit werken door de Heren van de zeven stralen.43 Deze Heren van referentie zijn in zulke gevallen echter niet de Logoi van de heilige planeten van ons zonnestelsel maar zekere Nirmanakaya’s (of Meesters) binnen het Aardschema Die de zesde inwijding hebben genomen.44 Deze zeven zijn, door Hun identificatie met de heilige planetaire Logoi, ook bekend als ‘de zeven Geesten voor de Troon (van God)’ en maken deel uit van de raad van Shamballa.45

Onder deze Nirmanakaya’s of zeven straalreflecties worden drie departementen gevonden, namelijk die van het wilaspect, die van het liefde-wijsheidaspect en die van het intelligentieaspect.46 Aan het hoofd van het departement van het wilaspect staat de Manu. Dit is een functie die gedurende het huidige vijfde wortelras vervuld wordt door Vaivasvata Manu.47 Hij is het prototype voor het huidige wortelras en ontwikkelt het. Hij werkt samen met de tweede en laatste Manu van het vierde wortelras Wiens taak het is om het restant van dit vorige wortelras te doen verdwijnen.48 Behalve het ontwikkelen van rastypen is Hij als hoofd van het departement van het wilaspect ook betrokken bij planetair bestuur en politiek. Hij werkt de wil en het doel van Sanat Kumara uit.49 Behalve een link hebbend met de Nirmanakaya’s is Hij ook ontvankelijk voor energieen van de drie Buddha’s van activiteit en van de planetaire Logos van de eerste straal.50

Aan het hoofd van het departement van het liefde-wijsheidaspect staat de Bodhisattva, ook bekend als ‘de Christus’, ‘de Wereldleraar’, ‘Heer Maitreya’, ‘de Meester van Meesters’, ‘de Heer van Liefde en van Compassie’, ‘de Instructeur van Engelen’ en ‘de Leraar van engelen en van mensen.51, 52, 53, 54 Zijnde het hoofd van het departement van het liefde-wijsheidaspect belichaamt Hij liefde, en als zodanig werkt Hij nauw samen met de Buddha Die wijsheid belichaamt.55, 56 Het kan ook gezegd worden dat waar de Christus werkt voor de ontwikkeling van bewustzijn de buddha werkt voor het verspreiden van licht.57 Deze taak van de Buddha zal tot een einde komen wanneer de mensheid het wijsheidaspect tot op zekere hoogte heeft ontwikkeld, en dit moment is alreeds in zicht.58 De Christus in functie zal wanneer dit gebeurt beide aspecten hanteren.59 Waar het departement van de Manu die van bestuur is betreft het departement van de Christus die van religie, en Zijn taak is aldus ook om de religies van de wereld te ontwikkelen.60 Dit departement is ontvankelijk voor de energieën van Sanat Kumara (via de Buddha), de vierde straal-Heer en de zesde straal-Heer.61, 62 (Misschien is er ook een directe ontvankelijkheid voor de tweede straal-Heer, maar dit wordt niet geëxpliceerd gevonden in de geheime wijsheid leer. Daar wordt Sanat Kumara geponeerd als mediërend).

Aan het hoofd van het departement van het intelligentieaspect staat de Mahachohan of Heer van Beschaving.63 Onder Zijn verantwoordelijkheden valt de ontwikkeling van de sociale en financiële orde.64 De Mahachohan is ontvankelijk voor energieën van de derde, de vierde, de vijfde, de zesde en de zevende straal-Heer, en ook van die komende van de drie Buddha’s van activiteit.65

Onder de drie departementen van de Manu, de Christus en de Mahachohan zijn zeven voornamere ashrams geplaatst, elk geleid door een Chohan.66 (Een Chohan is een Meester Die de zesde inwijding heeft genomen.67 Onder deze zijn dan tweeënveertig of negenenveertig minder voorname ashram,68, 69 geleid door Meesters of Adepten (Zij Die minstens de vijfde inwijding hebben genomen).70 Alle ashrams zijn op één van de zeven stralen71 en de totaliteit van deze ashrams is nog steeds in proces van vorming.72 Ook is het interne personeel steeds veranderlijk,73 een accuraat en treffend overzicht moeilijk makend. Echter sommige ashrams, Chohans en Meesters kunnen genoemd worden. Dit zal echter niet zeer gedetailleerd gedaan worden.

De Eerste hier te benoemen is de Chohan Jupiter. Als een Chohan van de eerste straal74 werkt Hij onder het departement van de Manu, wordt beschouwd als de oudste onder de Meesters (werkend in een fysiek lichaam) en is de regent voor India.75 Hij is direct ontvankelijk voor de energie van de Manu.

Op hetzelfde niveau van de hierarchie, zijnde ontvankelijk voor de energieen van de Manu, de Christus en de Mahachohan, is onder het departement van de Christus een niet gespecificeerde Europese Meester (waarschijnlijk Chohan) geplaatst.76

Een niveau onder deze twee is de Eerste te benoemen de Chohan Morya, Die een Chohan van de eerste straal is. Hij is ontvankelijk voor de energieën van de Chohan Jupiter en de Europese Meester (en zeer waarschijnlijk ook voor die van de Manu en de Christus).77 Hij is gepland om de positie van de Manu van het zesde wortelras in te nemen.78 Op het moment werkt Hij als inspirator van esoterische en occulte organisaties en van politici.79

De Chohan Morya werkt in nauwe samenwerking met Koot Hoomi, Die een Chohan op de tweede straal is.80, 81 Hij is ontvankelijk voor de energie van de Europese Meester, maar ook van de Manu, de Mahachohan en bijna zeker ook van de Christus,82 want Hij is bedoeld de functie van de Christus in de toekomst in te nemen.83 Hij werkt als inspirator voor filosofie, filantropie en broederschap, en werkt voor de ontwikkeling van liefde in de harten van de mensen.84

De Chohan Koot Hoomi werkt samen met de Meester, (zeer waarschijnlijk een Chohan)85 Die genoemd wordt als ‘de Venetiaanse Meester’.86 Hij is op de derde straal en is ontvankelijk voor de energieën van de Christus en de Mahachohan.

Onder de Venetiaanse Meester op de derde straal zijn zekere Meesters op de vierde, vijfde, zesde en zevende straal geplaatst.87 Op de vierde straal wordt de Meester Serapis (ook genaamd ‘de Egyptenaar’) genoemd.88 Hij is de inspirator van kunststromingen. Hij is ontvankelijk voor energieen van de Christus en de voorgenoemde Chohan of Meester van de derde straal.

Op de vijfde straal is de Meester Hilarion, werkend onder de Manu en de Venetiaanse Meester op de derde straal.89 Hij is een inspirator voor psychische ontwikkeling90 en van wetenschap in zijn algemeenheid.91

Goed bekend op de zesde straal is de Meester Jezus, werkend onder de Christus en de Venetiaanse Meester op de derde straal.92 Gedurende Zijn leven in Palestina was Hij nog geen Meester maar werd Hij overschaduwd door de Christus.93 Het was slechts in een volgend leven dat Hij de vijfde inwijding nam, een Meester wordend.94 Hij is een belangrijke inspirator van het Christendom en Westers denken.95

Op de zevende straal is de Meester Rakoczi,96 in new age kringen misschien beter bekend als de Meester Saint Germain.97 Hij wordt geschetst als werkend onder de Venetiaanse Meester en de Chohan Koot Hoomi maar wordt ook genoemd onder de Manu te werken als regent over Europa en Amerika (zoals de Chohan Jupiter werkt als regent over India).98 Hij wordt ook genoemd als recent de positie van de Mahachohan te hebben ingenomen.99, 100, 101

De Meester Djwhal Khul, of ‘de Tibetaanse Meester’,102 is op de tweede straal en heeft slechts recent (1875) de inwijding in Meesterschap genomen.103 Hij is ontvankelijk van energieën van de Meester Morya, de Meester Koot Hoomi, de Venetiaanse Meester, maar ook van die van de Manu, de Mahachohan en zeer waarschijnlijk ook van de Christus.104

Andere genoemde Meesters zijn de Meester P., werkend onder de Meester Rakoczi, en twee Engelse Meesters. De eerste werkt op de vierde straal het new age denken in America inspirerend. Van de laatsten is (minstens) één op de derde straal werkend aan economische ontwikkeling.105

Onder al de Meesters zijn dan de ingewijden, discipelen, aspiranten en de rest van de mensheid geplaatst, ons overzicht van de hiërarchie compleet makend.

Conclusie

Bovenstaand gegeven overzicht is geschetst in figuur 1. Dit figuur en al bovenstaande in ogenschouw nemend moet het in beschouwing genomen worden dat het een zeer momenteel en incompleet overzicht is. Er zijn veel meer Meesters, echter niet van Allen is informatie vrij gegeven. Ook wisselt het personeel van de hiërarchie na verloop van tijd. Echter als een algemene schets van de structuur van de hiërarchie kan dit overzicht hopelijk goed dienen.

Noten
  1. ‘Secret Wisdom Teaching, ‘Secret Wisdom Teaching’, Index: 201211101.
  2. Alice A. Bailey, 'The Rays and the Initiations, A Treatise on the Seven Rays, Volume V’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Part One, Rule Thirteen. “The teaching planned by the Hierarchy to precede and condition the New Age, the Aquarian Age, falls into three categories:
    1. Preparatory, given 1875-1890...written down by H.P.B.
    2. Intermediate, given 1919-1949...written down by A.A.B.
    3. Revelatory, emerging after 1975...to be given on a worldwide scale via the radio.”
  3. Alice A. Bailey, 'Letters on Occult Meditation’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Glossary. “Hierarchy.  That group of spiritual beings on the inner planes of the solar system who are the intelligent forces of nature, and who control the evolutionary processes.  They are themselves divided into twelve Hierarchies.  Within our planetary scheme, the earth scheme, there is a reflection of this Hierarchy which is called by the occultist the Occult Hierarchy.  This Hierarchy is formed of chohans, adepts, and initiates working through their disciples, and, by this means, in the world.”
  4. Ibidem.
  5. Ibidem, Letter VIII, Chart SOLAR AND PLANETARY HIERARCHIES
  6. Ibidem, Letter VIII, Key to Diagram of Solar and Planetary Hierarchies.
  7. Alice A. Bailey, 'A Treatise on Cosmic Fire’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Section One, Division C, III, 2. “a. Man, the Microcosm,
    b. The Heavenly Man, the planetary Logos,
    c. The Grand Man of the Heavens, the solar Logos.”
  8. Alice A. Bailey, 'The Consciousness of the Atom’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Lecture IV. “Fourthly, the solar atom, indwelt by the solar Logos, or the Deity.”
  9. Alice A. Bailey, 'Esoteric Psychology, Volume II, A Treatise on the Seven Rays, Volume II’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Ch.I, IV, 2. “God, the solar Logos, […].”
  10. ‘A Treatise on Cosmic Fire’, Introductory Postulates. “This Solar Logos incarnates, or comes into manifestation, through the medium of a solar system.”
  11. ‘Esoteric Psychology, Volume II’, Ch. I, IV, 2. “However (and this is a point oft forgotten) this tendency [to blend and sythesise] is motivated by the recognition of the planetary Logos, that His plan is conditioned in its turn, and is an integral part of a still larger plan—that of the solar Deity.  God, the solar Logos, is likewise conditioned by a still higher life purpose.”
  12. Zie noten 5-6.
  13. Alice A. Bailey, 'From Intellect to Intuition’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Ch. Eight, The Method in Christianity. “God, the Father, God, the Son, and God, the Holy Ghost, are realized as working smoothly together as one Identity — the Three in One and the One in Three.”
  14. ‘A Treatise on Cosmic Fire’, Section Two, Introductory Questions, IV.
    First Pole The Point of Union Second Pole
    First Logos Second Logos Third Logos.
    Mahadeva Vishnu Brahma.
    Will Wisdom-Love Active Intelligence.
    Spirit Consciousness Matter.
    Father Son Mother.
    Monad Ego Personality.
    The Self The relation between The Not-Self.
    The Knower Knowledge The Known.
    Life Realisation Form.”
  15. Alice A. Bailey, ‘Esoteric Astrology, A Treatise on the Seven Rays, Volume III’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Appendix, The Planets. “20. The following tabulation is suggestive:
    a. God the Father—1st Logos—Electric Fire. Great Bear. Sun.
    b. God the Son—2nd Logos—Solar Fire—Sirius. Venus and Mercury.
    c. God the Holy Spirit—3rd Logos—Fire by friction—Pleiades. Saturn”
  16. Helena P. Blavatsky in: Ibidem, Appendix, The Planet – The Sun. “The Trinity is symbolised by the sun:
    a. The central spiritual sun—God the Father.
    b. The heart of the sun—God the son.”
  17. Helena P. Blavatsky in: Ibidem, , Appendix, The Planets. "There are seven chief planets, the spheres of the indwelling seven Spirits. These seven Spirits are:
    a. The seven chief groups of Dhyan Chohans.
    b. The seven Primeval Rays."
  18. Alice A. Bailey, 'Esoteric Psychology, Volume I, A Treatise on the Seven Rays, Volume I’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Section One, Ch. I, 3. “You must remember that only a few of the planets are the bodies of expression of the Lords of the rays.  There are ten "planets of expression" (to use the term employed by the ancient Rishis), and only seven ray Lives are regarded as the Builders of the system.”
  19. ‘Esoteric Psychology, Volume I’, Section Two, Ch. III, 2. “There are only five non-sacred planets. [...]. Suffice it to say that the sacred planets are seven in number, making a totality of twelve planetary manifestations.”
  20. ‘Esoteric Astrology’, Appendix, The Rays and the Planets.
    “1. The seven Planetary Logoi.
    2. The seven Spirits before the throne.
    3. The seven Kumaras.
    4. The seven solar Deities.
    5. The primordial Seven.
    6. The seven Builders.
    7. The seven intellectual Breaths.
    8. The seven Manus.
    9. The Flames.
    10. Lords of Love, Knowledge and Sacrifice.”
  21. Alice A. Bailey, 'The Externalisation of the Hierarchy’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Section Four, The Externalisation of the Hierarchy. “1. The seven Rays or the seven Spirits before the Throne.”
  22. Zie noten 5-6.
  23. Alice A. Bailey, 'Initiation, Humand and Solar, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Ch. XIX, Glossary.
    Rays of Aspect
    1. The Ray of Will, or Power.
    2. The Ray of Love-Wisdom.
    3. The Ray of Activity or Adaptability.
    Rays of Attribute
    4. The Ray of Harmony, Beauty, Art, or Unity. 
    5. The Ray of Concrete Knowledge or Science. 
    6. The Ray of Abstract Idealism or Devotion. 
    7. The Ray of Ceremonial Magic, or Law.”
  24. ‘Esoteric Psychology, Volume I’, Section Two, Ch. III, 2. “THE PLANETS AND RAYS
    Sacred Ray Non-Sacred Ray
    1. Vulcan 1st ray. 1. Mars 6th ray.
    2. Mercury 4th ray. 2. Earth 3rd ray.
    3. Venus 5th ray. 3. Pluto 1st ray.
    4. Jupiter 2nd ray. 4. The Moon 4th ray.
    5. Saturn 3rd ray. veiling a hidden planet.
    6. Neptune 6th ray. 5. The Sun 2nd ray.
    7. Uranus 7th ray. veiling a hidden planet.”
  25. Zie noten 5-6.
  26. See note 23.
  27. See note 24.
  28. See note 5.
  29. ‘Esoteric Astrology’, Ch. IV. “b. The Logos of a non-sacred planet [...]. He has taken three cosmic initiations. [...].
    c. The Logos of a sacred planet [...].
    The Logos of a sacred planet has taken five cosmic initiations.”
  30. Zie noten 5-6.
  31. ‘The Externalisation of the Hierarchy’, Section Three, The Doctrine of Avatars. “1. The Lord of the World, the Ancient of Days, Sanat Kumara, the planetary Logos, Melchizedek, [...].”
  32. See note 6.
  33. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. V. “As has already been stated, at the head of affairs, controlling each unit and directing all evolution, stands the KING, the Lord of the World, Sanat Kumara, the Youth of Endless Summers, and the Fountainhead of the Will, (showing forth as Love) of the Planetary Logos.”
  34. ‘The Externalisation of the Hierarchy’, Section Three, The Cycle of Conferences. “[...] the agent of that great Life in Whom we live and move and have our being, Who is Himself the true Light of the World and the planetary Enlightener. I refer to the Ancient of Days (as He is called in the Old Testament), to the God of Love, to Sanat Kumara, the Eternal Youth, the One Who holds all men in life and Who is carrying His whole creation along the path of evolution to its consummation—a consummation of which we have not as yet the faintest idea.”
  35. Zie noten 5-6.
  36. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. V. “Co-operating with Him as His advisers are three Personalities called the Pratyeka Buddhas, or the Buddhas of Activity.”
  37. ‘A Treatise on Cosmic Fire’, Section Two, Division B, I, 4, b. “The three Buddhas of activity have a correspondence to the three persons of the Trinity.”
  38. ‘The Rays and the Initiations’, Part One, Rule Thirteen. “In the last solar system They were the planetary Logoi of three planets in which the mind principle reached its highest stage of development; They embody in Themselves in a most peculiar manner the wisdom aspect of the second ray, as it expresses itself primarily through what has been called in the Bhagavad Gita "skill in action."  Hence Their name, the Buddhas of Activity.
    Sanat Kumara has now moved one step ahead of Them upon the great cosmic ladder of evolution, for an aspect of the Law of Sacrifice has conditioned Them.”
  39. Zie noten 5-6.
  40. ‘Initiation, Humand and Solar’, Ch. V. “The three Buddhas of Activity change from time to time, and become in turn exoteric or esoteric as the case may be.  Only the King persists steadily and watchfully in active physical incarnation.
    Besides these main presiding Personalities in the Council Chamber at Shamballa, [...].”
  41. ‘Initiation, Humand and Solar’, Ch. IV, The immediate effect. “The central home of this Hierarchy is at Shamballa, a centre in the Gobi desert, called in the ancient books the "White Island."  It exists in etheric matter, and when the race of men on earth have developed etheric vision its location will be recognised and its reality admitted.”
  42. Alice A. Bailey, 'Discipleship in the New Age, Volume II’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Section Two, Part XIII. “4. The Nirmanakayas, the divine Contemplatives. This is the receptive group which receives impression from Shamballa in relation to the planetary creative purpose. Then They, on Their own level of atmic activity, build—through contemplative meditation—a vast reservoir of potent energies which are impregnated with the qualities of the seven energies of the seven planetary Rays. They are the Custodians of life, under the direct inspiration of the Buddhas of Activity, and They spend the aeons of Their planetary service:
    a. In active contemplation of the divine Purpose.
    b. In a developed receptivity to that aspect of the Purpose which must be expressed through the medium of the divine Plan, and thus presented to the Hierarchy.
    c. In developing that spirit of sevenfold receptivity which will make Them a channel for the inflow of ray energies from Shamballa into the Hierarchy. Their united aura or area of influence and the extent of Their magnetic and dynamic radiation correspond roughly to the aura of the planet itself; They contain (within Their ranks) Members Who are identified with the Lords of the seven Rays.”
  43. ‘The Rays and the Initiations’, Part One, Rule Thirteen. “They work out Their plans—these four Great Lives—through the medium of the Lords of the Seven Rays.”
  44. Ibidem, Part Two, Section Two, The Rays and the five Initiations confronting Humanity, Initiation II. “Each of these great energising Lives works through certain Masters and Initiates of the sixth initiation; these Masters work in full consciousness upon the atmic plane, the plane of the spiritual will; from that high level, They function as transmitting agents for the energy of one of the three Buddhas of Activity.”
  45. Ibidem, Part One, Rule Ten. “The Seven Spirits before the Throne of God are also Members of the Council, and each of Them is in close rapport and contact with one or other of the seven sacred planets in our solar system, and can thus draw upon the energies which they embody.”
  46. Zie noten 5-6.
  47. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. V, The Work of the Manu. “The Manu presides over group one.  He is called Vaivasvata Manu, and is the Manu of the fifth root-race.  He is the ideal man or thinker, and sets the type for our Aryan race, having presided over its destinies since its inception nearly one hundred thousand years ago. Other Manus have come and gone and His place will be, in the relatively near future, taken by someone else.”
  48. Ibidem. “The Manu, or the prototype of the fourth root-race, works in close co-operation with Him, and has His centre of influence in China.  He is the second Manu that the fourth root-race has had, having taken the place of the earlier Manu at the time of the final stages of Atlantean destruction.  He has remained to foster the development of the race type, and to bring about its final disappearance.”
  49. Ibidem. “The work of the Manu is largely concerned with government, with planetary politics, and with the founding, direction, and dissolution of racial types and forms. To Him is committed the will and purpose of the Planetary Logos.”
  50. Zie noten 5-6.
  51. Ibidem.
  52. ‘Letters on Occult Meditation’, Glossary. “Bodhisattva.  Literally, he whose consciousness has become intelligence, or buddhi.  Those who need but one more incarnation to become perfect buddhas.  As used in these letters the Bodhisattva is the name of the office which is at present occupied by the Lord Maitreya, Who is known in the Occident as the Christ.  This office might be translated as that of World Teacher.  The Bodhisattva is the Head of all the religions of the world, and the Master of the Masters and the Teacher of angels and of men.”
  53. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. V, The work of the World Teacher, the Christ. “He is the great Lord of Love and of Compassion, just as his predecessor, the Buddha, was the Lord of Wisdom. [...]. He is the World Teacher, the Master of the Masters, and the Instructor of the Angels, [...].”
  54. ‘The Externalisation of the Hierarchy’, Section Three, An Easter Message. “[...], the Master of the Masters and the Teacher of angels and of men [...].”
  55. ‘The Externalisation of the Hierarchy’, Section Four, The Ashrams Concerned at the Coming. “Forget not that Christ represents the energy of love and the Buddha that of wisdom.”
  56. Alice A. Bailey, 'The Reappearance of the Christ’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, Ch. Four. “This is a hard saying for the orthodox and narrow Christian churchman to accept; it means primarily that Christ will work in the closest cooperation with the Buddha until this fusion and reconstruction have truly taken place.”
  57. ‘The Externalisation of the Hierarchy’, Section Three, The Significance of the Wesak festival. “The point to be borne in mind is that light is substance, and the Buddha demonstrated the consummation of substance-matter as the medium of Light, hence His title of the "Illumined One." Christ embodied the underlying energy of Consciousness.”
  58. ‘The Reappearance of the Christ’, Ch. Four. “Actually the work of the Buddha for humanity is nearly over, and His long alliance with the race of men has nearly come to an end. The moment that the appearance of the Christ is an accomplished fact, and the rule of right human relations is beginning definitely to condition human living, then the Buddha will pass to the work which awaits Him. One of the senior disciples of the Christ, ranking next to the Christ in hierarchical status, will take His place and carry on the work, connected with mankind.
    By the time this particular Master takes over His task, the intelligent principle or knowledge, which is the outstanding characteristic of humanity, will have been to a large extent transmuted into wisdom by the world intelligentsia, though not as yet by the masses of men. Wisdom is the predominant characteristic of the Buddha and the momentum of this wisdom energy will eventually be so strong that it will need no further distribution or control by the Buddha. He can then re-orient Himself to higher spheres of activity where His true work lies, and begin to work with an aspect of wisdom of which we know nothing but of which both knowledge and wisdom have been expressing themselves through the Christ and the Buddha; later, through the cooperation of the Avatar of Synthesis, Christ will be able to blend within Himself both of these major divine energies, and thus be a pure expression of love and wisdom, of right relationship and intuitive understanding.”
  59. Ibidem.
  60. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. V, The work of the Lord of Civilisation, the Mahachohan. “The World Teacher presides over the destiny of the great religions through the medium of a group of Masters and initiates Who direct the activities of these different schools of thought.”
  61. Zie noten 5-6.
  62. ‘The Externalisation of the Hierarchy’, Section Three, The Cycle of Conferences. “The Buddha, Whose Festival is held ever at the Full Moon of May [...], acts today as the agent of that great Life in Whom we live and move and have our being, Who is Himself the true Light of the World and the planetary Enlightener. I refer to the Ancient of Days (as He is called in the Old Testament), to the God of Love, to Sanat Kumara, the Eternal Youth, the One Who holds all men in life and Who is carrying His whole creation along the path of evolution to its consummation—a consummation of which we have not as yet the faintest idea.”
  63. ‘Letters on Occult Meditation’, Glossary. “Mahachohan.  The Head of the third great department of the Hierarchy.  This great being is the Lord of Civilisation, and the flowering forth of the principle of intelligence.”
  64. Alice A. Bailey, 'Telepathy and the Etheric Vehicle’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001. “[...]; later, they will appear and will then openly relate the department of the Manu to that of world government, the department of the Christ to that of the world religions, and the department of the Lord of Civilisation to that of the social and financial order.”
  65. Zie noten 5-6.
  66. ‘The Rays and the Initiations’, Part One, Rule Eight. “1. The seven greater groups...The seven groups or Ashrams within the Hierarchy.
    THE HIERARCHY
    These carry out the hierarchical will, which is love.
    They work through love and understanding.
    Each is presided over by a Chohan and a group is called an Ashram.
    These major Ashrams have many affiliated Ashrams, presided over by a Master on the same ray as the Chohan, and are capable at any moment of being absorbed into the primary Ashram.
    The perfect or complete group is the Hierarchy itself, containing all the seven major Ashrams and their affiliates.”
  67. ‘Letters on Occult Meditation’, Glossary. “Chohan.  Lord, Master, a Chief.  In this book it refers to those Adepts who have gone on and taken the sixth initiation.”
  68. ‘The Rays and the Initiations’, Part Two, Section One, The Entering of the Ashram, The Seven Groups of Ashrams within the Hierarchy. “4. The great Ashram is formed of seven major Ashrams and forty-two secondary Ashrams which are gradually forming.”
  69. ‘The Externalisation of the Hierarchy’, Section Four, The Externalisation of the Ashrams. “1. The seven major Chohans and Their Ashrams.< br /> 2. The forty-nine Masters of the secondary Ashrams.”
  70. ‘Letters on Occult Meditation’, Glossary. “Adept. A Master, or human being who, having traversed the path of evolution and entered upon the final stage of the path, the Path of Initiation, has taken five of the Initiations, and has therefore passed into the Fifth, or Spiritual kingdom, having but two more Initiations to take.”
  71. ‘The Rays and the Initiations’, Part Two, Section One, The Entering of the Ashram, The Seven Groups of the Ashrams within the Hierarchy. “The seven major Ashrams are each responsive to one of seven types of ray energy and are focal points in the Hierarchy of the seven rays.”
  72. ‘The Externalisation of the Hierarchy’, Section Four, The Externalisation of the Ashrams. “The secondary Ashrams are being stimulated; new ones are being gradually formed, for there are not as yet forty-nine minor Ashrams; vacancies in the major Ashrams are being filled as rapidly as possible from the ranks of those working in minor Ashrams and the places of these latter are being taken by accepted disciples who are being fitted for this work through experience, difficulties and the tension of world service.”
  73. Ibidem.
  74. Zie noten 5-6.
  75. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. VI, Certain Masters and Their Work. “Under the Manu work the regents of the different world divisions, such as, for instance, the Master Jupiter, the oldest of the Masters now working in physical bodies for humanity, Who is the regent for India, and the Master Rakoczi, Who is the regent for Europe and America.”
  76. Zie noten 5-6.
  77. Ibidem.
  78. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. VI, Certain Masters and Their Work. “He works in close co-operation with the Manu, and will Himself eventually hold office as the Manu of the sixth root-race.”
  79. Ibidem. “The Master M. has a large body of pupils under His instruction, and works in connection with many organisations of an esoteric and occult kind, as well as through the politicians and statemen of the world.”
  80. ‘Discipleship in the New Age, Volume II’, Section Four. “The Master K.H., being a Chohan and one of the senior Masters (ranking next to the Christ Himself), can "walk into the courts of Shamballa" at will.”
  81. Zie noten 5-6.
  82. Ibidem.
  83. ‘Discipleship in the New Age, Volume II’, Section Four. “[...]; another reason is that the Master K.H. will assume the role of World Teacher in the distant future when the Christ moves on to higher and more important work.”
  84. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. VI, Certain Masters and Their Work. “He concerns Himself largely with the vitalising of certain of the great philosophies, and interests Himself in a number of philanthropic agencies.  To Him is given the work very largely of stimulating the love manifestation which is latent in the hearts of all men, and of awakening in the consciousness of the race the perception of the great fundamental fact of brotherhood.”
  85. Charles W. Leadbeater, The Masters and the Path, Cosimo Classics, New York, 2007, p. 238. “At the Head of the Third Ray stands the great Master called the Venetian Chohan.”
  86. Zie noten 5-6.
  87. Ibidem.
  88. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. VI, Certain Masters and Their Work. “One other Master may here be briefly mentioned, the Master Serapis, frequently called the Egyptian.  He is the Master upon the fourth ray, and the great art movements of the world, the evolution of music, and that of painting and drama, receive from Him an energising impulse.  At present He is giving most of His time and attention to the work of the deva, or angel evolution, until their agency helps to make possible the great revelation in the world of music and painting which lies immediately ahead.”
  89. Zie noten 5-6.
  90. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. VI, Certain Masters and Their Work. “His is the energy which, through His disciples, is stimulating the Psychical Research groups everywhere, [...].”
  91. ‘The Rays and the Initiations’, Part Two, Section Two, The Rays and the Five Initiations confronting Humanity, Initiation II. “e. The Ashram of the Master Hilarion, as He supervises the discoveries (and the application of such discoveries) of the scientific movement in the world today.”
  92. Zie noten 5-6.
  93. ‘The Rays and the Initiations’, Part One, Rule Three. “These three energies are faintly symbolised for us in the life of Christ when overshadowing the Master Jesus, two thousand years ago.”
  94. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. VI, Certain Masters and Their Work. “As Appollonius of Tyana, He took the fifth initiation and became a Master of the Wisdom.”
  95. Ibidem. “From that time on He has stayed and worked with the Christian Church, fostering the germ of true spiritual life which is to be found amongst members of all sects and divisions, and neutralizing as far as possible the mistakes and errors of the churchmen and the theologians.  He is distinctively the Great Leader, the General, and the wise Executive, and in Church matters He co-operates closely with the Christ, thus saving Him much and acting as His intermediary wherever possible.  No one so wisely knows as He the problems of the West, no one is so closely in touch with the people who stand for all that is best in Christian teachings, and no one is so well aware of the need of the present moment.  Certain great prelates of the Anglican and Catholic Churches are wise agents of His.”
  96. Zie noten 5-6.
  97. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. VI, Certain Masters and Their Work. “Reference to Him can be found in old historical books, and He was particularly before the public eye when he was the Comte de St. Germain, and earlier still when he was both Roger Bacon and later, Francis Bacon.”
  98. Ibidem, Ch. V, The Work of the Lord of Civilization, the Mahachohan. “Under the Manu work the regents of the different world divisions, such as, for instance, the Master Jupiter, the oldest of the Masters now working in physical bodies for humanity, Who is the regent for India, and the Master Rakoczi, Who is the regent for Europe and America.  It must be remembered here that though the Master R., for instance, belongs to the seventh ray, and thus comes under the department of energy of the Mahachohan, yet in Hierarchical work He may and does hold office temporarily under the Manu.”
  99. ‘Discipleship in the New Age, Volume II, Section Three, Part IX. “When, for instance, the Master R. assumed the task of Mahachohan or Lord of Civilisation, His Ashram was shifted from the seventh Ray of Ceremonial Order to the third Ray of Active Intelligence; [...].”
  100. Ibidem, Section Two, Part V. “Lately the Master R. has taken the position of Mahachohan, [...].”
  101. ‘The Rays and the Initiations’, Part One, Rule Twelve. “It is this influence also which has enabled the Master R. to assume the mantle of the Mahachohan and become the Lord of Civilisation—a civilisation which will be conditioned by the rhythm of the seventh ray.”
  102. ‘Initiation, Human and Solar’, Ch. VI, Certain Masters and Their Work. “The Master Djwhal Khul, or the Master D. K. as He is frequently called, is another adept on the second Ray of Love-Wisdom.  He is the latest of the adepts taking initiation, having taken the fifth initiation in 1875, and is therefore occupying the same body in which He took the initiation, most of the other Masters having taken the fifth initiation whilst occupying earlier vehicles.”
  103. Alice A. Bailey, 'The Unfinished Autobiography’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001, The Arcane School – Its Esoteric Origins and Purposes. “We know that He whom we are accustomed to refer to as the Tibetan is in fact one of the Masters of the Wisdom known by certain of his associates as the Master Djwhal Khul.”
  104. Zie noten 5-6.
  105. Benjamin Creme, Maitreya’s Mission, Volume II, Share International Foundation, London / Amsterdam, 2013.  p. 66. “The English Master is a 3rd ray Master. […]. He is adviser and source of inspiration to high-level economists in the world.”
Bibliografie
  • ‘Secret Wisdom Teaching, ‘Secret Wisdom Teaching’, Index: 201211101.
  • Alice A. Bailey, 'A Treatise on Cosmic Fire’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'Discipleship in the New Age, Volume II’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, ‘Esoteric Astrology, A Treatise on the Seven Rays, Volume III’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'Esoteric Psychology, Volume I, A Treatise on the Seven Rays, Volume I’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'Esoteric Psychology, Volume II, A Treatise on the Seven Rays, Volume II’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'From Intellect to Intuition’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'Initiation, Humand and Solar, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'Letters on Occult Meditation’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'Telepathy and the Etheric Vehicle’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'The Consciousness of the Atom’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'The Externalisation of the Hierarchy’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'The Rays and the Initiations, A Treatise on the Seven Rays, Volume V’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'The Reappearance of the Christ’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Alice A. Bailey, 'The Unfinished Autobiography’, in: Twenty-Four Books of Esoteric Philosophy, (CD-ROM, Release 3), Lucis Trust, London / New York, 2001.
  • Benjamin Creme, Maitreya’s Mission, Volume II, Share International Foundation, London / Amsterdam, 2013.
  • Charles W. Leadbeater, The Masters and the Path, Cosimo Classics, New York, 2007.
Figuren
  • Figuur 1: De Constitutie van de Hiërarchie.
De Constitutie van de Hiërarchie
De Constitutie van de Hiërarchie

SH: Solaire Hiërarchie
SL: Solaire Logos
V: Vader
Z: Zoon
HG: Heilige Geest
S1: 1e Straal-Heer
S2: 2e Straal-Heer
S3: 3e Straal-Heer
S4: 4e Straal-Heer
S5: 5e Straal-Heer
S6: 6e Straal-Heer
S7: 7e Straal-Heer
AH: Aardse Hiërarchie
SK: Sanat Kumara
B1: Buddha van activiteit
B2: Buddha van activiteit
B3: Buddha van activiteit
M: Manu
C: Christus
Mc: Mahachohan
J: Meester Jupiter
E: Europese Meester
Mo: Meester Morya
K: Meester Koot Hoomi
Ve: Venetiaanse Meester
D: Meester Djwhal Khul
Se: Meester Serapis
H: Meester Hilarion
Je: Meester Jezus
R: Meester Rakoczi

Figuur 1.