ARVINDUS

Contemplationam

Competitieve en Coöperatieve Communicatie

COMPETITIEVE EN COÖPERATIEVE COMMUNICATIE

In deze contemplatie zal een onderscheid gemaakt worden tussen competitieve en coöperatieve communicatie.

Communicatie

Communicatie kan (in lijn met het Engelse ‘communication’) in het algemeen begrepen worden als het “mededelen, overbrengen, of uitwisselen van ideeën, kennis, informatie”.1 Het woord stamt van het Latijnse woord ‘commūnicātiō(nem)’.2 Dit is een samengesteld woord bestaande via ‘commūnicō’, wat refereert aan een delen,3 in principe uit ‘com’ en ‘munis’,4 waarbij de eerste ‘samen’ betekent5 en de laatste aan een verplichting refereert.6 Dus in een communicatie tussen personen wordt gedeeld wat men verplicht of verschuldigd is aan elkaar. En aangezien communicatie gezegd kan worden te bestaan uit spreken en luisteren kan de verplichting van beide soorten zijn. Men kan in communicatie verplicht zijn om bepaalde woorden te geven en bepaalde woorden te accepteren.

Wat men nu verschuldigd is aan een ander en aldus verplicht is te doen heeft subjectieve, intersubjectieve, objectieve en conjectieve perspectieven.7 Het kan gezegd worden dat in een subjectief perspectief men een geïsoleerde kijk heeft op wat de een en de ander elkaar verschuldigd zijn. In zulk een perspectief zal een ander niet noodzakelijk instemmen met de desbetreffende kijk. In een intersubjectief perspectief kan gezegd worden dat de betrokken communicatoren het onder elkaar eens zijn over hun verplichtingen naar elkaar toe. Deze instemming echter staat onafhankelijk van hun reële verplichtingen. Want deze reële verplichtingen staan in objectiviteit geïsoleerd van enige subjectiviteit. En het is alleen in conjectieve perspectieven dat communicatoren instemmen met hun ware verplichtingen naar elkaar toe. In zulke gevallen wordt ‘het juiste woord op de juiste plaats’ gelegd, zoals het gezegde zegt. 

Nu zijn er vele manieren waarop communicatie gedifferentieerd kan worden maar in deze contemplatie zal het onderscheid gemaakt worden tussen competitieve en coöperatieve communicatie.

Competitieve Communicatie

Het Nederlandse woord ‘competitief’, betekenend (in lijn met het Engelse ‘competitive’) “gekarakteriseerd door competitie”,8 wordt ontleend aan het woord ‘competeren’, welk (in lijn met het Engelse ‘compete’) in principe refereert aan een rivaliteit.9 Dat laatste woord stamt van het Latijnse ‘competere’.10 Dit is een samengesteld woord bestaande uit ‘com’ en ‘petere’. Zoals we alreeds gezien hebben in de etymosofie van ‘communicatie’ betekent ‘com’ ‘samen’. ‘Petere’ nu draagt betekenissen betrekking hebbend op streven in zijn algemeenheid en een met vijandige bedoelingen in het bijzonder.11 In principe kan het gezegd worden dat in een competitie men streeft naar iets ten koste van een ander.12 Een competitieve communicator zal dan in zijn communicatie streven naar iets ten koste van de ander met wie hij communiceert. Aangezien communicatie nu bevonden werd een delen van verplichtingen (ook begrijpbaar als ‘schulden’) te zijn kan het gededuceerd worden dat een competitieve communicator streeft naar de volledige schuld van de andere communicator aan hemzelf. Communicatief volledig schuldig zijn betekent dat men verplicht is alles aan de ander te communiceren wat die laatste wil en alles te aanvaarden wat die laatste communicatief deelt. Zulk een situatie doet zich nu voor wanneer de uitspraken van een communicator volledig bevestigd worden en wanneer de uitspraken van de ander volledig verworpen worden. In andere woorden streeft een competitieve communicator naar het winnen van een discussie.

Om nu een discussie te winnen is het noodzakelijk dat een ander deze verliest. Er kan geen winnaar zijn zonder verliezer. En in deze lijn van denken kan de competitieve communicator twee methoden toepassen om zijn doel te bereiken. Hij kan een winnaar zijn door zichzelf een winnaar te maken maar hij kan ook een winnaar zijn door de andere persoon een verliezer te maken. Een winnaar wordt men door een these te poneren die ontkend wordt door een ander maar die door argumentatie geaccepteerd moet worden. Aldus zal een competitieve communicator graag een argumentatief goed voorbereide these poneren die van zulk een confronterende aard is dat een argumentatieve communicatie naar waarschijnlijkheid volgt. Met zijn goed voorbereide set van argumenten zal de competitieve communicator dan hopen de discussie voor zijn these te winnen, zichzelf ponerend als een winnaar en de ander als een verliezer. Wanneer echter de competitieve communicator zulk een voorbereide these niet bij de hand heeft zal hij zijn doel waarschijnlijk richten op de verwerping van de these van een ander persoon. In zulke gevallen zal hij de uitleg van de andere persoon bombarderen met verwerpende argumenten, de ander in een verdediging werpend. Als die persoon dan niet in staat is de aanvallen op zijn these te weerleggen dan zal hij de discussie verliezen, en door een verliezer te worden kan de competitieve communicator zich wentelen in het zelf winnaar worden.

Coöperatieve Communicatie

Het Nederlandse woord ‘coöperatief’ is afgeleid van het woord ‘coöperatie’  (in lijn met het Engelse ‘cooperative’ dat is afgeleid van ‘cooperation’) wat refereert aan een samen werken aan hetzelfde doel.13 Het stamt van het Latijnse ‘cooperārī’.14 Dit is een samengesteld woord bestaande uit ‘com’, opnieuw ‘samen’ betekenend, en ‘operārī’, eenvoudig ‘werk’ betekenend,15 aldus de voorgenoemde betekenis van ‘coöperatie’ verklarend als een samen werken aan hetzelfde doel. Dus in een coöperatieve communicatie werken communicatoren samen aan hetzelfde doel. En dit doel betreft in principe het voldoen van alle bestaande verplichtingen.

Een coöperatieve communicator zal dan altijd proberen om het juiste woord op de juiste plaats te leggen. Wanneer hij waarneemt dat de ander verplicht is zijn woorden te accepteren of dat hij zelf verplicht is de ander zijn woorden te geven dan zal hij de woorden spreken die overgebracht moeten worden. Maar wanneer hij waarneemt dat hij verplicht is om de woorden van de ander te accepteren of dat de ander hem bepaalde woorden verschuldigd is dan zal hij luisteren en de desbetreffende woorden accepteren.

Vergelijking van Perspectieven

Het zal duidelijk zijn dat de stijl van communicatie van een coöperatief communicator veel verschilt van die van een competitief communicator. De eerste probeert bestaande wederzijdse schulden op te lossen terwijl de laatste probeert zijn medecommunicator in schulden te brengen. Dit betekent ook dat coöperatieve commucatoren begaan zijn met realiteit terwijl competitieve communicatoren dit niet zijn. Het standpunt van de eerste is dat er een reëel bestaande staat van wederzijdse schulden is terwijl het standpunt van de tweede is dat er zulk een waarheid niet is en dat daarom alles kan en mag. Het verschil tussen competitieve en cooperatieve communicatoren kan aldus vergeleken worden met het verschil tussen sofisten en filosofen. Want op basis van Plato’s verslagen over sofisten worden dezen in de filosofische traditie verbeeld als debaters voor hun eigen overwinning terwijl filosofen zoals Socrates gedacht worden te debatteren voor het ontdekken van waarheid.16

Boven werd vermeld dat een competitieve communicator geen onafhankelijk waarheid erkent terwijl een coöperatieve communicator dit wel doet. Tegen de achtergrond van de contemplatie ‘Subjectiviteit, Objectiviteit en Conjectiviteit’17 kan dit iemand leiden naar het geloof dat een competitieve communicator noodzakelijk communiceert vanuit een subjectief perspectief terwijl een coöperatief communicator dit doet vanuit een objectief of conjectief perspectief. Deze gedachte is correct in het eerste geval echter niet geheel in het laatste. Inderdaad communiceert een competitief communicator vanuit een subjectief perspectief. Voor hem is alleen zijn eigen subjectiviteit geldig. Maar dat een coöperatief communicator een onafhankelijke waarheid erkent betekent niet noodzakelijk dat hij communiceert vanuit een objectief of conjectief perspectief. Want in het geval van een ware objectiviteit zou de waarheid of realiteit geïsoleerd op zichzelf blijven en aldus onbereikbaar zijn voor enige communicator. En in het geval van conjectiviteit zou de communicator een metantropos of een Buddha zijn, een stadium die de meeste communicatoren nog niet hebben bereikt.18, 19, 20 Echter hoewel in de meeste gevallen waarheid niet volledig ontsloten is voor coöperatieve communicatoren en hun perspectief niet een totaal conjectieve is streven ze wel voor de inlossing van een waarachtige, reële bestaande wederzijdse schuld. En dit is waar ze verschillen van competitieve communicatoren. De laatsten wentelen zich in hun eigen subjectiviteit en graven zichzelf daar vaak zelfs dieper in terwijl een coöperatieve communicator probeert om zijn subjectiviteit achter zich te laten in zijn streven naar de vestiging van waarheid.

Moge aldus in deze contemplatie juiste woorden op juiste plaatsen zijn gelegd.

Noten
  1. Oxford English Dictionary, Second Edition on CD-ROM (v. 4.0), Oxford University Press, 2009.
  2. Ibidem.
  3. Oxford Latin Dictionary, Oxford University Press, London, 1968, p. 369.
  4. Ibidem.
  5. Ibidem, p. 358.
  6. Ibidem, p. 1145.
  7. ‘Subjectiviteit, Objectiviteit en Conjectiviteit’, Index: 201507282.
  8. Oxford English Dictionary.
  9. Ibidem.
  10. John Ayto, Word Origins, The Hidden Histories of English Words from A to Z, A & C Black, London, 2005, p. 123.
  11. Oxford Latin Dictionary, p. 1369.
  12. Oxford English Dictionary.
  13. Ibidem.
  14. Ibidem.
  15. Word Origins, p. 358.
  16. Donald M. Borchert (editor). Encyclopedia of Philosophy, Volume 9, Thomsom Gale, Detroit / et alibi, 2006, p. 129.
  17. Zie noot 7.
  18. Ibidem.
  19. A Setup for a Metaphysicratic Manifest’, Index: 201204032.
  20. ‘An Etymological Anthropology’, Index: 201203081.
Bibliografie
  • ‘An Etymological Anthropology’, Index: 201203081.
  • A Setup for a Metaphysicratic Manifest’, Index: 201204032.
  • ‘Subjectiviteit, Objectiviteit en Conjectiviteit’, Index: 201507282.
  • John Ayto, Word Origins, The Hidden Histories of English Words from A to Z, A & C Black, London, 2005.
  • Donald M. Borchert (editor). Encyclopedia of Philosophy, Volume 9, Thomsom Gale, Detroit / et alibi, 2006.
  • Oxford English Dictionary, Second Edition on CD-ROM (v. 4.0), Oxford University Press, 2009.
  • Oxford Latin Dictionary, Oxford University Press, London, 1968.