Arvindus

Contemplaties

Een etymosofisch overzicht van 'tegenwoordigheid'

  • Titel: Contemplaties, Een etymosofisch overzicht van 'tegenwoordigheid'.
  • Auteur: Arvindus.
  • Uitgever: Arvindus.
  • Auteursrecht: Arvindus, 2023, alle rechten voorbehouden.
  • Index: 202302121.
  • Editie: html, eerste editie.

§

In 'Tegenwoordigheid' in de 'Contemplaties'-serie werd tegenwoordigheid etymosofisch gecontempleerd.1 Het is de intentie om het aldaar gecontempleerde hier wat overzichtelijker te maken.

Als synoniemen voor 'tegenwoordigheid' werden in de genoemde contemplatie onder andere gevonden en geconstrueerd: 'aanwezigheid', 'actualiteit', 'antwoordigheid', 'aanzijnigheid', 'bestanigheid', 'tegenwordigheid', 'presentie' en 'voorzijnigheid'. 'Presentje' en 'voorzienigheid' werden ook genoemd. Compositioneel geeft dit een overzicht zoals in figuur 1 hieronder.

Tegenwoordigheid Tegenwoord Tegen Woord
Aanwezigheid Aanwezen / aanwees Aan Wezen / wees
Actualiteit Actueel Actie
Antwoordigheid Antwoord Anti Woord
Aanzijnigheid Aanzijn Aan Zijn
Bestanigheid Bestaan Be Staan
Tegenwordigheid Tegenwording Tegen Wording
Presentie / presentje (voorzijnigheid) Present / voorzijn Pre (voor) Esse (zijn)
Voorzienigheid Voorzien Voor Zien

Figuur 1.

Bij bovenstaande kunnen (onder andere) de volgende aannames gedaan worden.

  1. Tegen ≈ aan (in de zin van 'tegenaan').
  2. Tegen ≈ anti (in de zin van 'oppositioneel').
  3. Aan ≈ be (in de zin van 'initiëren', zoals in 'aanvangen' en 'beginnen').
  4. Pre ≈ voor ≈ aan ≈ tegen (als plaatsaanduiding, zoals bijvoorbeeld voor Nederlanders België voor, aan en tegen Frankrijk ligt).
  5. Presentje ≈ voorzienigheid (want beide zijn een gift).
  6. Bewoorden → worden (want het woord is scheppend).
  7. Worden → zijn (want wat wordt, zal zijn).
  8. Wezen ≈ zijn (bijvoorbeeld in de zin van 'u moet tegenwoordig wezen, tegenwoordig zijn').
  9. Esse ≈ wezen ≈ zijn.
  10. Zijn → zien (want wat gezien wordt, is).
  11. Staan ≈ zijn (in de zin van dat wat bestaat, is).
  12. Actie ≈ {bewoording, ...} (want een bewoording is een actie).

Aldus kan etymosofisch onder andere beschouwd worden dat wanneer men gesteld is in een tegenwoordigheid men bestaat in de aanwezigheid en de actualiteit, in de presentie waarin als presentje in een antwoord wordt voorzien dat tot wording activeert.